<- Kabbalah bibliotheek
Verder lezen ->

Doel van de groep - 1

Artikel Nr. 1, Deel 1, 1984

We zijn hier bijeengekomen om een groep op te richten voor allen die het pad en de methode van Baal HaSulam willen volgen, de weg waardoor men de niveaus van de mens kan beklimmen en niet als een dier blijft, zoals onze wijzen zeiden (Yevamot, 61a) over het vers: "En jullie, Mijn schapen, de schapen van Mijn weide, zijn mensen." En Rashbi zei: "Jullie worden 'mensen' genoemd en afgodendienaren worden geen 'mensen' genoemd."

Om het belang van de mens te begrijpen, zullen we nu een vers van onze wijzen aanreiken (Berachot, 6b) over het vers: "Het einde van de zaak, alles gehoord hebbende: vrees God en onderhoud Zijn geboden, want dit is de hele mens" (Prediker, 12:13). En de Gemarah vraagt: "Wat is 'want dit is de hele mens'”?

Rabbi Elazar zei: “De Schepper zei: ‘De hele wereld werd alleen daarvoor geschapen.’ Dit betekent dat de hele wereld werd geschapen voor de vrees voor God.”

Dan moeten we begrijpen wat de vrees voor God is, de reden waarom de wereld geschapen is. Uit alle woorden van onze wijzen leren we dat de reden voor de schepping was om goed te doen aan Zijn schepselen. Dit betekent dat de Schepper de schepselen in verrukking wilde brengen, zodat zij zich gelukkig zouden voelen in de wereld. En hierbij zeiden onze wijzen over het vers, "Want dit is de hele mens", dat de reden voor de schepping de vrees voor God was.

Maar volgens wat er uitgelegd wordt in het essay Matan Torah [Het Geven van de Torah] is de reden waarom de schepselen geen vreugde en plezier ontvangen, ook al was dit de reden voor de schepping, de ongelijkheid van vorm tussen de Schepper en de schepselen. De Schepper is de gever en de schepselen zijn de ontvangers. Maar er is een regel dat de takken gelijk zijn aan de wortel waaruit de takken geboren werden.

En omdat ontvangen niet in onze wortel aanwezig is, omdat de Schepper totaal niets mist en niets nodig heeft om Zijn behoeften te bevredigen, voelt de mens zich ongemakkelijk als hij een ontvanger moet zijn. Daarom schaamt de mens zich om het brood der schaamte te eten.

Om dat te corrigeren moest de wereld geschapen worden. Olam [wereld] betekent He'elem [verhulling], zodat genot en plezier verhuld moesten worden. Waarom is dat zo? Het antwoord is, uit angst. Met andere woorden, de mens moet bang zijn om zijn vaten van ontvangst te gebruiken, "eigenliefde” genaamd. Dit betekent dat men zich ervan moet weerhouden om genoegens te ontvangen omdat men er sterk naar verlangt, en de kracht moet hebben om het grote verlangen, het object van zijn verlangen, te overwinnen.

In plaats daarvan moet men genoegens ontvangen die de Schepper tevredenheid brengen. Dit betekent dat het schepsel aan de Schepper zal willen schenken en vrees voor de Schepper zal hebben, voor het ontvangen voor zichzelf, want het ontvangen van genot - als men voor eigen voordeel ontvangt - verwijdert hem van het hechten aan de Schepper.

Daarom moet men, als een mens één van de Mitzvot [geboden] van de Schepper vervult, ernaar streven dat deze Mitzva hem zuivere gedachten zal brengen die hij aan de Schepper zal schenken door de Mitzvot van de Schepper te vervullen. Het is zoals onze wijzen zeiden: "Rabbi Hanania Ben Akashia zegt: 'De Schepper wilde Israël reinigen, daarom gaf Hij hen Torah en Mitzvot in overvloed.'"

En daarom komen wij hier samen - om een groep te vormen waarin ieder van ons de geest van geven aan de Schepper volgt. En om het geven aan de Schepper te bereiken, moeten we beginnen met geven aan de mens, wat “liefde voor anderen” wordt genoemd.

En liefde voor anderen kan alleen bestaan door het eigen ik te annuleren. Dus enerzijds moet ieder mens zich nederig voelen, en anderzijds er trots op zijn dat de Schepper ons de mogelijkheid heeft gegeven om in een groep te zijn waarin ieder van ons slechts één doel heeft: dat de Shechina [Goddelijke aanwezigheid] temidden van ons is.

En hoewel wij dit doel nog niet bereikt hebben, hebben we het verlangen om het te bereiken. En ook dit moeten wij waarderen, want ook al staan we aan het begin van de weg, we hopen het verheven doel te bereiken.